zondag, mei 03, 2009

Atonement revisited


Na bijna een jaar de film Atonement herzien. Het blijft verrukkelijk ontroerend met de adembenemende sequentie op het strand van Duinkerken als hoogtepunt; zes minuten lang draait en pant en tilt en doet de camera wat eigenlijk niet kan en alles klopt.

Maar wat me vandaag opviel waren twee dingen waarvan ik me afvraag of ik ze de eerste keer wel zag. Ik weet niet of er eerder zo duidelijk binnen het raamwerk van een fictieve vertelling zo expliciet fictieve personages zijn vertoond. Fictieve fictie heft zichzelf niet op, zo blijkt. Het ontroert wel zeer. Maar dat zegt in mijn geval zo goed als niets; ik hield het vroeger bij de Flying Doctors al niet droog.

Het tweede is gezeur in de marge, kommagedoe, en dus van grootste importantie. Er is een scene waarin de door het lot wreed gescheiden geliefden elkaar terugvinden in een restaurant. Ze hebben elkaar twee jaar niet gezien en voordien ook slechts half bemind, een halve keer. Hun handen liggen op het tafeltje dicht bij elkaar, een beetje onscherp. Voor in beeld zien we zijn linkerhand die met een lepelte in een kopje koffie roert. Op de achtergrond zien we hoe zij haar linkerhand op zijn rechterhand legt. Even vertraagt het roeren van de hand die roert. Het woordspel roeren - beroeren werkt voor mijn gevoel in het Engels ook.

Het is mooi en subtiel en bijna Bresson, emotie teruggebracht tot het tempo van het roeren in een kopje koffie, een bijna onzichtbare pars-pro-toto, maar het kan nog veel strenger en onzichtbaarder. Bresson zou er twee shots van maken, eentje waarin handen elkaar niet raken en vervolgens eentje met alleen de hand die tijdens het roeren even vertraagt. Het verchiil lijkt futiel maar is levensgroot. Bij Bresson zou je het aanraken niet zien. Je zou het als toeschouwer zelf maken. Het zou er nog heviger zijn.

(De foto is uit Bresson's Au hasard Balthasar)